Email aan besturen kindercentra – wiegendood en bmr-vaccinatie

Betreft: vertrouwelijk informatie over bmr-vaccinatie en wiegendood
Datum:  8 mei 2019

Aan de bestuurders van de volgende organisaties:
– Stichting Voor Werkende Ouders (SVWO);
– Branchevereniging Maatschappelijke Kinderopvang (BMK);
– Branchevereniging Kinderopvang (BK);
– De Belangenvereniging van Ouders in de Kinderopvang (BOinK).

Geachte bestuurders,

Mijn vraag is of u in overweging wilt nemen om het volgende aan uw kindercentra en gastouders voor te leggen:

Wilt u in de eerste maand na de BMR-vaccinatie kinderen tussen de 14 en 24 maanden extra in de gaten houden in verband met wiegendood.

Waarom?

In 2004 heeft Sanofi Pasteur MSD (de vergunninghouder van het BMR-vaccin) gegevens van Merck & Co Inc USA ( de producent van MMR-II en MMRVAXPRO) naar het CBG-MEB (de registratieautoriteit) verzonden. Dat document heb ik van het CBG-MEB ontvangen na een WOB-verzoek. Daaruit blijkt dat het bmr-vaccin minder veilig is dan de overheid ons wil doen geloven. Maar relevant voor u kan het volgende zijn.

In dit vertrouwelijke document staat dat tussen 1978 het jaar van de introductie van MMR-II en 2003 er wereldwijd 11 gevallen zijn gerapporteerd van ‘Sudden Infant Death Syndrome (SIDS) na vaccinatie met het BMR-vaccin. De dood trad in tussen de 1e en 24e dag na vaccinatie. De leeftijd lag tussen de 14 en 24 maanden. Bij 5 van deze gevallen is er sprake van een medische historie die ook een rol van betekenis kan hebben gespeeld.

Het gaat weliswaar om een heel klein aantal gevallen buiten Nederland, maar wiegendood in het tweede levensjaar is een zeldzaamheid. En daar komt dan ook nog eens bij dat het binnen een maand na de bmr-vaccinatie plaatsvindt. Geen reden voor paniek, maar wellicht een reden om even iets alerter te zijn

De tekst uit het document is bijgevoegd. Mocht mijn samenvatting inhoudelijk verschillen van de bijgevoegde tekst dan is het brondocument uiteraard leidend.

Misschien heeft u deze informatie al van het RIVM ontvangen. Dan mijn excuses dat ik u hiermee heb lastig gevallen. Zo niet dan bent u nu geïnformeerd.

Met vriendelijke groet

Nawoord (geen onderdeel van de brief die is verzonden)

Het CBG-MEB is om een reactie gevraagd over de wiegendood (Sudden Infant Death Syndrome – SIDS) rapportage in het veiligheidsdocument (PSUR 1999 t/m 2003 – ). Enkele punten uit hun uitgebreide en genuanceerde reactie:

  •  De oorzaak van wiegendood is niet bekend.
  •  Wees daarom voorzichtig met conclusies.
  •  Een oorzakelijk verband tussen vaccinatie en wiegendood is in individuele gevallen niet uit te sluiten. Daarom worden alle gevallen van wiegendood kort na de vaccinatie uitvoerig geëvalueerd.
  • Deze 11 gevallen van wiegendood staan tegenover 100 mln (volgens CBG-MEB) verstrekte vaccins.
      • Bij lage incidentie is de kans op toeval groter.
      • Deze verhouding wordt door het CBG als gunstig gedefinieerd. Daarom is er geen aanleiding tot een ander beleid t.o.v. wiegendood.
  •  Er komt pas informatie over wiegendood in de productinformatie MMRVAXPRO als redelijkerwijs aannemelijk causaal verband is aangetoond. 

Bij dit laatste punt zou ik zeggen dat deze 11 meldingen zo’n bijzondere samenhang vertonen dat dit aanleiding genoeg is om daar aandacht aan te schenken in de productinformatie MMRVAXPRO. Ook het RIVM zou daar in de publieksvoorlichting aandacht aan kunnen besteden.
Waarschijnlijk is het probleem van wiegendood in Nederland niet zo groot. Precieze cijfers ontbreken over wiegendood in het 2e jaar, omdat het CBS alleen gevallen van wiegendood registreert in het 1e jaar.  

Van de besturen van de kindercentra is geen enkele reactie vernomen. Als zij het CBG-MEB standpunt volgen dan komt deze informatie op geen enkele manier bij de kindercentra en ouders terecht. Met het publiceren van deze brief komt deze informatie beschikbaar. Belangstellenden, ouders en verzorgenden kunnen zelf bepalen wat ze met deze informatie doen.

Download: email (zonder nawoord)